Onderzoek: Supersnelle WiFi via infrarood licht

20 maart 2017

De Technische Universiteit in Eindhoven (TU/e) onderzoekt op dit moment supersnelle WiFi via infrarood licht. Hiermee kunnen snelheden worden bereikt van maar liefst 40 Gbps.

Uit onderzoek van de TU/e, uitgevoerd door Joanne Oh, onder leiding van hoogleraar breedbandtechnologie Ton Koonen binnen het BROWSE-project van de universiteit, blijkt dat traag WiFi wellicht binnenkort tot het verleden kan behoren. Volgens het onderzoek kunnen WiFi-signalen nu ook met behulp van infrarood licht worden getransporteerd. Belangrijk in het transport zijn de frequenties. De frequenties bij infrarood licht zijn meer dan duizend keer hoger dan bij traditionele WiFi, ongeveer 200 terahertz. Daardoor is de datacapaciteit van lichtstralen veel hoger. In de testopstelling werd zelfs een snelheid van 42,8 Gbps over 2.5 meter afstand behaald. De gemiddelde verbindingssnelheid in Nederland is nu tweeduizend keer minder, 17,6 Mbps.

Lichtantennes
Bij het transport van de infrarode WiFi-signalen maken de onderzoekers gebruik van zogenoemde lichtantennes. De draadloze data komt van enkele centrale lichtantennes, zoals aan plafonds. Deze antennes kunnen lichtstralen, die worden aangevoerd via  glasvezelverbindingen, heel nauwkeurig richten. Dit zonder bewegende delen, en dus onderhoudsvrij en zonder stroomverbruik. In de antennes zitten roosters die lichtstralen van verschillende golflengtes onder verschillende hoeken uitstralen, passive diffraction gratings Door de lichtfrequentie te veranderen, verandert dus de richting van de lichtstraal.

Overal bereik
Daarnaast zorgt de onderzochte techniek ervoor dat overal bereik is. Wanneer gebruikers buiten beeld komen van een lichtantenne, neemt een andere de verbinding over. Het netwerk houdt de locatie van alle verbonden apparaten door het radiosignaal dat ze terugsturen. Ook het toevoegen van extra devices is eenvoudig. Deze krijgen vanuit de lichtantennes andere lichtgolflengtes toegewezen. Hierdoor hoeven deze devices ook geen capaciteit te delen en ontstaat er geen storing met WiFi-netwerken van bijvoorbeeld buren. Het Eindhovense systeem gebruikt tot nu toe de lichtsignalen nog alleen voor het downloaden. Voor uploaden worden nog de radiosignalen gebruikt, omdat er voor uploaden doorgaans veel minder capaciteit nodig is.

Advertenties